Kassabonnetjes, waarom worden ze steeds groter?

Door letatcest op donderdag 28 oktober 2010 13:24 - Reacties (39)
Categorie: verbazingwekkend, Views: 6.969

Ik ben er nog niet helemaal uit of het een scam genoemd kan worden. Maar wellicht een beetje.
Cash Register Receipt
Kassabonnetjes bestaan veelal uit thermisch papier (vroeger ook wel faxpapier genoemd), waardoor er geen inktpatronen, inktlinten of andere met inkt gevulde zaken nodig zijn, alleen maar een verhittingselement om te zorgen dat de bon die we krijgen binnen een half jaar onleesbaar zal zijn.

Maar daar gaat het niet om. Het gaat om het formaat. Vrijwel elke kassabon tegenwoordig is tussen de 7,5 en 8 centimeter breed. De lengte varieert, maar omdat ik vrijwel altijd alles pin, is de bon met slechts een paar producten ook al lekker lang. We pakken er een paar: benzinebon, 17,9 cm. Ander merk benzine, 17,5 cm. Retourbon schoenen: 12,5 cm en voor meer dan de helft in gebruik met het winkellogo. V&D 18,8 cm. Al deze bonnen hebben maar 1 product.

Een andere bon die ik met regelmaat in mijn portemonnee tref, is die van 5,5 cm breed en met alleen de producten erop en een klein stukje winkelnaam. Die komen niet boven de 10 cm, zelfs niet met meer producten en inclusief pintransactie.

Het kleinste bonnetje bevat de meeste producten, namelijk 5, en is 7,2 cm lang en 4,2 cm breed. Deze heeft dan wel een inktlint nodig.

Bij de meest voorkomende bonnen wordt dus het grootste stuk thermisch papier gebruikt. Je kunt natuurlijk zeggen dat het wel mee zal vallen. Tot je even gaat rekenen.

15 brede bonnen --> 262 cm als je ze aan elkaar plakt --> waarbij de 15 bonnen in mijn portemonnee dus al goed zijn voor een stuk papier van ruim 2 meter lang en 10 cm breed (2043 cm≤). Weer een stuk toiletrol.
7 smalle --> 37,5 cm lang (terwijl 7 van de brede, meest voorkomende bonnen bij elkaar al ongeveer 123 cm lengte zouden hebben, ruim 3 keer zo veel) en 206 cm≤, 4,63 keer minder dan die grote bonnen dus.
1 ouderwetse.

Dat zijn op jaarbasis natuurlijk enorme hoeveelheden. Dat begint al bij de basis: wie verkoopt het hout waar het papier van gemaakt wordt? Die verkoopt dan dus meer, niet omdat het nodig of handig is (je portemonnee zit sneller vol, als je dat fijner vindt), maar omdat... meer. Dat geldt voor de hele keten. Tot aan de eindgebruiker.

Het zit hem, zoals vaak, in de enorme hoeveelheden en niet in het eenmalige. Dat maakt het nou juist zo lastig: "Ja, maar dat ene bonnetje, wat maakt dŠt nou uit?" 2 miljard pintransacties in Nederland in 2009 op 16 miljoen mensen. Dan alle cash-transacties er nog niet bij gerekend. Veel plezier met rekenen!

Voor dit onderzoek heb ik gebruik gemaakt van 23 verschillende bonnen uit mijn portemonnee en is mogelijk niet representatief maar slechts indicatief ;)
(c) plaatje: mijn eigen tekenkunsten

12 * 25.000 Watt: fijn zonnen in de Large Space Simulator

Door letatcest op dinsdag 26 oktober 2010 18:19 - Reacties (5)
CategorieŽn: technologie, wetenschap, Views: 3.665

In Nederland is er een onderzoeksfaciliteit waarbij je het gevoel krijgt echt ergens te zijn, namelijk het European Space Research and Technology Centre (ESTEC) in Noordwijk. Groot en met beveiligingsdingen en zo. Het ligt op slechts een half uur rijden van Amsterdam en ik was er nog nooit geweest. Nu was ik toevallig vrij afgelopen maandag en werd ik gewezen op speciale activiteiten in verband met de Oktober Kennismaand. Hop, in mijn hoogtechnologisch vehicel gestapt (2CV6) en die kant op gereden.

Eigenlijk ging ik voor de speciale rondleiding van 13:00 uur, maar die was al volgeboekt (kon niet van te voren reserveren), echter het verschil met de normale rondleiding zou niet heel erg groot zijn, al wordt dat wel gesuggereerd op de website. Dan die van kwart over twee, sowieso leuk om eens in de Space Expo te kijken.
MetOp-B Payload Module lifted carefully
De Space Expo is er eigenlijk om het publiek bekend te maken met wat er in Nederland gebeurt met ruimtevaart en dat blijkt heel wat te zijn. De ESTEC-basis is de grootste ESA (European Space Agency) basis in Europa waar het gros van de projecten en blauwdrukken voor de Europese ruimtevaart bedacht worden en zich ook het grootste testcentrum bevindt. Dat laatste is wat dat betreft het meest tot de verbeelding sprekend, maar daar kom ik later op terug.

De tentoonstelling in de Space Expo is onderhoudend en hier en daar voorzien van interactieve exhibits en daar hou ik wel van: aanraken die hap! Er wordt vooral gefocusd op wat de ESTEC doet en dat is niet niks. Ontwerp en ontwikkeling van belangrijke delen van de Ariane-raketten en van allerhande satellieten. Vooral gaaf zijn toch wel de grote foto's. Ok, je kunt het ook allemaal op Internet zien, maar een grote afdruk doet toch meer zijn best op de een of andere manier.
Eerste data van de SMOS satelliet
De afdrukken van satellietbeelden leren je weer andere dingen, namelijk hoe de beelden door computers (en mensen) geÔnterpreteerd worden, zoals golfhoogtes (die zijn meetbaar) om windsnelheden uit te rekenen (via een omweg berekenen dus) en vele andere interpretaties.

Ook is het fijn om echte testsatellieten eens aan te kunnen raken (oh, mocht dat niet?) en van dichtbij te bestuderen. Al die aansluitingen voor connectoren die al eeuwen overjarig zijn, maar vooral ook hoe robuust alles uiteindelijk uitevoerd moet worden. Echte gebruikte satellieten zul je er niet snel tegenkomen, die verbranden in de atmosfeer of worden nog verder buiten de aantrekkingskracht van de Aarde gebracht om daar een beetje als space debris rond te blijven zweven.

Dat laatste is ook het belangrijkste onderdeel van het ESTEC-complex: testen. Sowieso wordt elke satelliet voordat die de lucht in gaat uitvoerig getest, want het is wat lastig om later nog even iets te fixen. Dat testen gebeurt in indrukwekkend grote apparaten en dat is dan ook waar je langs meegenomen wordt als je op de Space Train meegaat.

En om een beetje goed te testen, worden de situaties zoals die zich tijdens de reis en tijdens het verblijf in de ruimte voordoen, nagebootst. Eigenlijk is alles redelijk goed na te bootsen, behalve gewichtsloosheid voor langere tijd. wordt je geleid langs een aantal van de test-installaties. Je mag er helaas niet bij in de buurt komen (iets met clean rooms.

ESTEC Virtual Tour

Helaas zijn er vrijwel geen foto's of plaatjes te vinden van de testcentra. Gelukkig ontdek ik tijdens het zoeken naar plaatjes de Virtual Tour door het Testcentre. Doen! Erg mooi gedaan. Je mag geen mobiele telefoons en/of camera's meenemen. Om een beeld te schetsen wat de apparaten doen: men bootst de krachten na die tijdens de lancering op de meegenomen goederen uitgeoefend worden, bijvoorbeeld op enorme trilplaten waarbij een kracht vergelijkbaar met een aardbeving van 7,5 op de schaal van Richter na te bootsen is... Of een apparaat waar de satelliet binnenin wordt blootgesteld aan 150 dB (het lawaai tijdens een lancering). En als klap op de spreekwoordelijke vuurpeil: de Large Space Simulator. Dit apparaat bootst te extreme verschillen in de ruimte na. De enorme zonnekracht (door middel van een array van 19 Xenon-lampen van 25.000 Watt per stuk waarbij er 12 tegelijk branden) maar ook de koude. Door de dubbele wanden stroomt vloeibaar stikstof en koelt de ruimte tot -190 graden Celcius. En dat alles uiteraard in een vacuum. Tja, die ruimte.. daar zou ik nou graag eens doorheen gewandeld zijn. Helaas konden we alleen maar van achter plexiglas kijken naar mensen die er in aan het werk waren. Gelukkig stond de 'voordeur' van het enorme apparaat wel open, dus een schuine blik naar binnen was mogelijk.

Naast alle testfaciliteiten voor satellieten, wordt er ook aandacht besteed aan het International Space Station (ISS) en de Europese module. Op de site kun je zien wanneer het ISS over ons heen vliegt. Die kun je dan soms live over je heen zien komen als een heel snel verplaatsende heldere ster die ineens weer weg is. Hij is dan ook in 90 minuten de wereld rond.

Al met al leuk om een keer geweest te zijn. Fijn om weer eens met de neus op de feiten gedrukt te worden: er is heel veel tech-kennis in Nederland, alleen wordt het helaas vaak vergeten of in ieder geval wordt er wat mij betreft te weinig aandacht aan besteed...

Bron: Space Expo, Oktober Kennismaand
Plaatjes: (c) ESA

Accelerometers, horen en inktvissen?

Door letatcest op vrijdag 22 oktober 2010 17:49 - Reacties (12)
Categorie: wetenschap, Views: 4.499

Het is misschien wat kort door de bocht om het orgaan waarmee een pijlinktvis zijn richting bepaalt een accelerometer te noemen, maar het komt dicht in de buurt. Het orgaantje heet een statocyst en ziet eruit als een zakje met vloeistof waar allemaal haarcelletjes aan de binnenkant zitten, net zoals in het slakkenhuis van onze oren (ons evenwichtsorgaan het labyrint en zit aan het slakkenhuis vast). Ook zit er een een heel klein brokje calcium in, waardoor het dier weet in welke positie het dier staat of welke kant het opgaat.
AccelerometerSlakkenhuis, oorPijlinktvis
Omdat het orgaantje veel weg heeft van het oor is de grote vraag is: kunnen inktvissen horen? Uit verschillende tests in een bak water met een speaker erin blijkt dat er reacties van de zenuwen zijn bij geluiden tot ongeveer 500 Hz.

Leuk zul je denken, wat heb ik eraan om te weten of zo'n beestje kan horen? Het gaat een stapje verder. Er wordt gesuggereerd dat de primaire reden achter horen bedoeld is om te kunnen bepalen waar iets vandaan komt. Dat klinkt allemaal heel logisch, maar hoe heeft zich dat ontwikkeld? Omdat het orgaan van de inktvis primitiever is dan het gehoororgaan bij veel dieren, kan het licht werpen op wat belangrijk is bij (menselijk) horen en menselijke haarcellen (of van andere dieren). Al is dat laatste vooralsnog speculatief.

In eerste instantie kijkt men er naar of het mogelijk is voor de inktvis om de richting van geluiden te bepalen en of ze op die manier kunnen vluchten om niet als maaltijd te eindigen.

In ieder geval weer een interessant uitgangspunt voor verder onderzoek. Voor een uitgebreide uitleg van het totale onderzoek verwijs ik naar de bron.

Bron: Science Daily

edit: de eerste paar reacties slaan op de eerste alinea, ik sloeg de post even tijdelijk op, maar eh... het 'zichtbaar voor publiek' vinkje had ik niet uitgevinkt blijkbaar ;)

Iemand benijden verkoopt iPhones, maar als het afgunst wordt...

Door letatcest op dinsdag 19 oktober 2010 15:38 - Reacties (13)
Categorie: wetenschap, Views: 3.534

Wanneer wil iemand heel graag een iPhone, zelfs zo graag dat hij (m/v) gemiddeld 80 euro meer wil betalen voor het apparaat? Dat doet ie als hij de andere bezitter van het kleinood benijd, blijkt uit onderzoek van de Universiteit van Tilburg

Bij het onderdeel van het onderzoek waar deze gevoelens getest werden, werd een iPhone als te begeren object gebruikt. De jaloerse gevoelens werden getest tijdens het onderzoek met als controleconditie iemand die gewoon graag het product wilde hebben. Deelnemers werd gevraagd zich in te beelden een andere student te benijden en zelfs bewondering te voelen voor zijn bezit. Anderen moesten zich inbeelden afgunst te voelen.

De gevoelens werden opgeroepen door mensen te gebruiken waarbij je het gevoel hebt dat ze het echt niet verdiend hebben ("die student krijgt altijd alles van pappie!"), waarbij afgunst de boventoon ging voeren en men dus liever een (in dit geval) Blackberry zou willen hebben ťn er meer voor wilde betalen, juist om zich zo positief te onderscheiden van de pappie-persoon.

Beide gevoelens (afgunst en benijden) zijn frustrerende gevoelens die bovenkomen als iemand anders iets beter doet. Het verschil zit er vooral in of iemand iets op een eerlijke manier verkregen heeft of je dus afgunst voelt of 'slechts' iemand benijd. Mensen die iemand benijden om een bepaalde positie te verkrijgen, bleken achteraf beter te scoren op een intelligentietest. Ook ontdekte hij dat, in tegenstelling tot het algemene idee, bewondering mensen helemaal niet aanzet tot persoonlijke verbetering. Hij toont juist aan dat het bij mensen in eerste instantie een gevoel van benijden oproept. Pas als het vrijwel onmogelijk lijkt om een dergelijke positie zelf te bereiken, wordt het negatieve gevoel omgezet in bewondering. Bewondering voelt dan misschien fijn, het brengt je dus geen stap verder.

Het is in ieder geval een interessante les voor adverteerders: zorg ervoor dat men een beroemdheid het product gunt die je in je campagne neerzet, anders gewoon niet gebruiken.

Bron: Eurekalert.org

Energie, het mag wat kosten, maar waarvoor?

Door letatcest op maandag 18 oktober 2010 15:46 - Reacties (18)
Categorie: verbazingwekkend, Views: 4.366

Gisteravond deed ik iets wat ik normaal probeer te vermijden om niet diep ongelukkig van de maatschappij te worden: televisie kijken. Waarom kijk je dan? Nou, er is een serie die ik volg, namelijk Penoza en dan vind ik de uitzendinggemist.nl kwaliteit toch echt te laag.
Voor en na de serie zit de Ster. Omdat ik toch bijna nooit tv kijk, vind ik reclames ook nog vermakelijk om naar te kijken. Wat opvalt is dat er een enorm grote hoeveelheid reclames is voor energiemaatschappijen... Heel erg veel. Daarnaast kom ik natuurlijk wel eens buiten en daar zijn billboards die ook weer volstaan met elektrificerende leuzen van 20 verschillende maatschappijen. Onderstaand plaatje geeft weer wat ik me al sche(r)tsend bedacht:
Energie duur? Vreemd he...
Ik kan mijzelf dus niet uitleggen dat het logisch is dat er 'marktwerking' is bij energie, het komt tenslotte allemaal uit dezelfde centrale, hoeveel ecologisch verantwoorde energie dan ook voor je ingekocht is. Als al die marketingmiljoenen nou gestopt zouden worden in onderzoek en ontwikkeling? De energie hoeft er niet duurder van te worden, het scheelt bergen formulieren omdat we jaarlijks 'moeten' wisselen van aanbieder en geeft dus veel rust. De mens kan de eigen energie richten op andere, belangrijkere zaken, zoals voedsel verbouwen of een muts breien voor de winter. :)